Verhaal achter de platenhoes – Script for a Jesters Tear (1983) – MARILLION

“Een tekst over de tranen van de nar. Een prachtige titel van een prachtplaat van Marillion. Een van mijn favoriete progrock LP’s. Naar de hoes kan ik uren kijken. Hij staat bol van details met allerlei interessante achtergrondverhalen. De nar met een gebroken hart. Hij componeert ‘The game is over’. In de vioolkoffer ligt een handgeschreven tekst van het nummer ‘Yesterday’ van de Beatles. ‘Yesterday, all my troubles seemed so far away’. Het schilderij boven de schouw op de achterkant van de hoes is een omslag van een boek ‘The Ebony Tower’ van de Engelse schrijver John Fowles. En dan de suikerklontjes en het lepeltje op de tafel. Een hint naar harddrugs als heroïne en LSD? Of gewoon spulletjes voor de instantkoffie? En zo kan ik doorgaan en doorgaan.
 
Eerst maar eens stilstaan bij de nar en zijn tranen. Een mooie paradox. Zanger Fish voelde zich vaak zo op zijn zolderkamertje. In zijn vriendenkring en in de kroeg was hij een gevierd persoon. Hij hing graag de clown, de nar, uit. Maar inwendig voelde hij zich vaak somber en verdrietig. Het wilde maar niet lukken in de liefde. Peter Gabriel, de zanger van Genesis, was zijn grote voorbeeld. Fish schminkte als zanger van Marillion ook zijn gezicht. Zo zag je slechts zijn image, zijn masker, niet zijn ware gezicht. Een vriend van Fish, illustrator Mark Wilkinson, werkte deze tegenstrijdigheid verder uit. Dat begon op de eerste EP van Marillion, ‘Market Square Heroes’. Hier te zien als poster op de achterkant van deze hoes. Wilkinson kwam op het idee van de nar voor ‘Script’ door een platenhoes van de Engelse groep Fairport Convention, ‘Gottle-O-Gear.’ Daar is de nar in de originele kleding prominent op afgebeeld. Wat is eigenlijk het oorspronkelijke verhaal van de nar? De nar heeft een lange geschiedenis. Vooral in de Middeleeuwen was hij populair als grappenmaker in zijn typische narrenpakje met hanenkam-muts. Hij moest wel uitkijken met zijn grappen want dat kon hem ook wel eens zijn kop kosten als hij te scherp was over het beleid van de vorst of koning. Maar hij genoot een bijzondere positie met veel vrijheid en liep vrolijk rond aan het hof van menig monarch.
 
Fish was fan van de uitklapbare hoezen van de jaren zeventig van bands als Yes (met de tekeningen van Roger Dean) en Genesis (bijvoorbeeld ‘Nursery Crime’). Samen met Mark Wilkinson bedachten de Marillion-mannen deze hoes. ‘Jester’, de nar, werd het handelskenmerk voor Marillion. De merchandise van de nar deed het bijzonder goed. Opeens zag je in de steden van Engeland fans rondlopen met T-shirts met ‘Jester’. Bij het maken van de hoes stuitte Wilkinson op allerlei copyright-problemen. Voor het schilderij op de schouw wilde Fish eigenlijk het beroemde schilderij van Ophelia hebben van schilder John Everett Millias, maar daar kreeg Wilkinson geen toestemming voor. Dus kwam hij aan met een poster van een boekomslag van schrijver John Fowles. Dat kon wel en Fish vond het prima. Op de tafel had Wilkinson oorspronkelijk een potje met het echte logo van Nescafé getekend en op de grond een blikje met het logo van Coca-Cola. Vlak voordat de hoes op de drukpersen gelegd werd, kwamen ze erachter dat ze veel geld zouden moeten betalen als ze de logo’s zouden gebruiken. Wilkinson had nog twee uur de tijd om de logo’s uit te wissen en er iets anders voor in de plaats te tekenen.
 
Gelukkig ondervonden ze niet alleen maar tegenwerking. Paul McCartney van de Beatles vond het prima dat er een handgeschreven tekst van zijn nummer ‘Yesterday’ in de vioolkoffer kwam te liggen. Pink Floyd deed ook niet moeilijk dat de platenhoes van ‘A Saucerful of Secrets’ op de grond in de zolderkamer getekend werd. Dat gold ook voor de Lp ‘Do You Dream in Colour’ van bassist Bill Nelson. Uiteindelijk is het gelukt met de platenhoes voor ‘Script for a Jester’s Tear’ en kwamen de wensen van Fish voor een groot deel uit. Het werd de basis voor een trilogie voor de platenhoezen van Marillion.
 
‘Jester’ komt ook terug op de tweede LP ‘Fugazi’ en verdwijnt uiteindelijk op de derde LP ‘Misplaced Childhood’ uit het raam. De kameleon, die op deze hoes op de leuning van de stoel zich vastklampt, staat symbool voor de ongrijpbare liefde. Elke keer als Jester cq Fish, denkt dat hij zich aan iemand kan verbinden, verandert deze van kleur en is de liefde weer ongrijpbaar. Op Fugazi heeft Jester wel een relatie. Te zien op een ander bed in een soort van surrealistisch beeld zoals van de schilder Magritte. Ook op deze hoes is de kameleon terug te vinden. Op de derde LP ‘Misplaced Childhood’ staat een kind op de voorgrond. Als product van de liefde van Jester? Fish en Wilkinson laten dat in het midden. ‘Jester’ verdwijnt op deze LP door het raam en wordt op de vierde en laatste studio LP van Marillion met Fish ( Clutching at straws) vervangen door een gevallen engel, Valkyrie. Daarover misschien meer in een volgende column over Marillion…
 
Moet ik blij zijn als het zo ver komt? Ik schrijf deze columns namelijk zolang de Boerderij dicht is. Dus met elke column die ik schrijf is de Boerderij een week langer dicht. Maar misschien is het niet óf, maar én. Dus niet óf een column óf de Boerderij open, maar én de Boerderij open én af en toe een verhaal over een hoes. Maar het allerbelangrijkste is natuurlijk dat de Boerderij weer opengaat, voor iedereen en zonder beperkingen. Zodat we allemaal weer kunnen genieten van livemuziek en tussendoor als een Jester grappen maken aan de bar.”
 
Door Gerrit-Jan Vrielink