Het verhaal achter de platenhoes: The Wall (1979) – Pink Floyd

“Uiteindelijk ben je slechts een steentje in een muur. Geen vrolijke boodschap van deze LP van Pink Floyd. Bassist Roger Waters houdt je wel vaker een spiegel voor. Neem alleen maar de titel van zijn laatste solo-LP: ‘Is this the life we really want?’ Maar het heeft ook een positief effect. Je denkt en voelt: Hoho, dat gaat mij niet gebeuren. Ik ben geen steentje in een muur. Ik laat niet bepalen wat voor goed voor me is, dat zoek ik zelf wel uit.

Roger Waters had het zwaar in 1978. Zijn Pink Floyd had een afmattende wereldtour achter de rug. De band vulde voetbalstadions met een megaspektakel. Het kon niet gek genoeg. In 1976 al vloog er een zes meter groot opblaasbaar varken over het publiek. Toch raakte Roger Waters het contact met zijn publiek en zijn bandleden kwijt. Iedereen leefde in zijn eigen wereld. De ene show was nog niet klaar of de Floyds moesten alweer naar een andere stad op daar op te treden.

Waters raakte overspannen, uitgeput, gedeprimeerd. De band besloot een jaar pauze te nemen. Waters vertrok naar Zwitserland om te herstellen. Hij realiseerde zich dat hij een enorme muur om zich heen had gebouwd. En zo ontstond het thema voor ‘The Wall’. Tegelijkertijd dreigde Pink Floyd in de schulden te raken. Waters’ peetvader was zaakwaarnemer geworden, maar dat werd een fiasco. De man had een slechte hand van investeren. De groepsleden hing bovendien een claim van de Britse belastingdienst boven het hoofd. Misschien maar beter om ergens ander te gaan wonen.

De band verhuisde voor de opnames van ‘The Wall’ naar Zuid-Frankrijk. Maar de mannen konden er niet aarden. Bovendien liep de productie moeizaam. Waters had het concept van de ‘The Wall’ al min of meer uitgewerkt en liet weinig ruimte voor de ideeën van de anderen. Maar Waters botste ook met producer Bob Erzin, die hij nota bene zelf had ingehuurd. Erzin, bekend van School’s Out van Alice Cooper, was zeer gecharmeerd van de basismelodie van ‘Another Brick in the Wall’. Hij wist: dit wordt een wereldhit. Maar Waters wilde helemaal geen wereldhit; dat past toch niet bij Pink Floyd?! Waters wilde een conceptalbum, progressieve rock met lange meeslepende solo’s. Maar ja, er moest ook geld verdiend worden, dus Waters liet Erzin zijn gang gaan. Die kopieerde zijn succes van School’s Out: een achtergrondkoortje van schoolkinderen. Toen Waters en de andere bandleden het resultaat hoorden viel het kwartje.

Gerald Scarfe, een ‘friend of the show’, mocht de hoes ontwerpen. Scarfe stond bekend om zijn politieke spotprints. Hij tekende de hamers en de boze leraar die op de binnenkant van de hoes te zien zijn. En later uiteraard in de legendarische videoclip. De stenen van de muur op de hoes moesten wit worden zodat de tekeningen van Scarfe er in een live-show op geprojecteerd konden worden.

‘The Wall’ werd een groot succes, één van de bestverkochte LP’s aller tijden. Naar schatting ruim dertig miljoen exemplaren zijn er over de toonbank gegaan. Toch werd Rogers Waters er niet gelukkig van. De spanning tussen de bandleden bleef. Toetsenist Rick Wright werd min of meer uit de band gezet. De drumpartij van ‘Confortably Numb’ werd gespeeld door de drummer van Toto omdat Waters niet tevreden was over het spel van Nick Mason.

Vanwege het commerciële succes werd toch besloten om een nieuwe liveshow te realiseren. Daarin stond de hoes centraal. Tijdens het concert werd er steen voor steen, van karton, een muur gebouwd tussen het publiek en de band. Uiteindelijk stort de gehele muur in. Hoe de kartonnen dozen niet in het publiek kwamen, is me nog steeds een raadsel.
Ik was erbij in de Gelredome in Arnhem toen Rogers Waters de show als soloartiest in 2011 herhaalde. Mooi, maar toch … er was geen contact tussen het publiek en de band. Het voelde alsof Waters een steentje in de muur was dat vooral bezig was aan zijn financiële verplichtingen te voldoen. Ik heb hem niet kunnen vragen of dat zo was. Daarvoor is de afstand tussen deze wereldster en mij te groot. En ik verwacht niet dat hij ooit in de Boerderij zal optreden. Ondanks dit alles staan het ontwerp van deze hoes en de muziek van deze LP in mijn top 10. Ik draai de plaat, uit 1979!, nog regelmatig.”

Door Gerrit-Jan Vrielink