Het verhaal achter de platenhoes – I Robot (1977) – ALAN PARSONS PROJECT

“Wie Alan Parsons zegt, zegt ook Pink Floyd. Wie Pink Floyd zegt, zegt ook Hipgnosis, het designbureau voor platenhoezen in de jaren zeventig. Dus zeg je ook Alan Parsons als je Hipgnosis zegt. Dat is logisch, toch?
 
Alan Parsons was de geluidstechnicus bij verschillende Pink Floyd albums zoals Dark Side of the Moon. Hij maakte zelf ook muziek, met zijn Alan Parsons Project. Voor zijn tweede album, “I Robot”, vroeg hij de mannen van Hipgnosis of zij iets wilden bedenken voor de hoes. Dat was zo gepiept. Ze tekenden een robot los uit de pols, kleurden deze een beetje in met de ‘air-brush’-techniek en plakten deze op een fotocollage van roltrappen. Voor de foto’s gingen ze in één dag op en neer van Londen naar Parijs. Wat we hier zien is een stukje futuristische architectuur van roltrappen die omgeven worden door een soort van buis. Het doet mij denken aan het Tikibad van pretpark Duinrell in Wassenaar, maar het zijn de roltrappen van vliegveld Charles de Gaulle in Parijs, een ontwerp van architect Paul Andreu.
 
Mensen op roltrappen zien er vaak als robots uit. Een beetje kil en mechanisch. Maar de mensen op deze hoes lijken juist blij en verwonderd. Dat geeft de hoes iets speciaals. Het is de essentie die Alan Parsons voor ogen had voor zijn conceptalbum, gebaseerd op het sciencefiction boek ‘I, Robot’ van Isaac Asimov. Het laat je nadenken over logica en verwondering. De afgelopen dagen ben ik in de ban van dit boek geweest. Negen verhalen over robots. Eén ding hebben ze gemeen. Ze zijn allemaal geprogrammeerd met twee belangrijke wetten. Ten eerste mag een robot een mens geen letsel toebrengen. Daarnaast moest een robot de mens helpen als die in nood is.
 
Prachtig voor de mensheid zou je zeggen. Maar het levert komische en tegelijkertijd beklemmende verhalen op. Bijvoorbeeld het verhaal van robot ‘Robbie’, die als oppas functioneert voor het tienjarige meisje Gloria. Het meisje is helemaal weg van Robbie en wil alleen nog maar met hem spelen. Logisch, want Robbie doet alles om te voorkomen dat ze in gevaar komt. De ouders vinden het maar niks dat Gloria niet meer met andere kinderen wil spelen en geen vriendjes of vriendinnetjes heeft. Ze besluiten Robbie weg te doen. Het meisje wordt diepongelukkig. Uiteindelijk komen Gloria en Robbie elkaar bij toeval weer tegen; Robbie redt het leven van Gloria wanneer ze bijna onder een auto komt. De ouders zijn dolgelukkig dat Gloria niets is overkomen, maar zitten tegelijkertijd met het probleem dat ze nooit meer van Robbie afkomen.
 
Alle teksten van ‘I Robot’ behandelen dit soort dilemma’s. Mooie teksten. Prachtig gezongen, want dat is het handelskenmerk van de Alans Parsons Projecten. Hij huurde verschillende studiomuzikanten in voor zijn projecten en vooral gastvocalisten met prachtige stemmen zoals Colin Blunstone (hij treedt nog regelmatig op in De Boerderij) en op dit album onder andere Steve Harley. De muziek is geïnspireerd op muziek van Pink Floyd. Mooie synthesizerharmonieën, gitaarsolo’s en melodieën die in je hoofd blijven hangen. Maar af en toe ook wel wat zoetsappig. Alan Parsons heeft met zijn projecten in ieder geval groot succes gehad. Miljoenen lp’s gingen er over de toonbank.
 
Maar wie zijn die mensen eigenlijk op deze hoes en waarom kijken ze zo blij? Die vraag blijft door mijn hoofd spoken. Is het omdat ze de robot zien? Ik heb er nog geen antwoord op. De persoon is het midden blijkt Peter Christopherson, één van de oprichters van Hipgnosis te zijn. En de persoon rechtsonder is tekenaar Humprey Ocean, een goede vriend van de mannen van Hipgnosis, Aubrey Powell en Storm Thorgerson. Zijn tekeningen zijn te zien op hoezen van Hipgnosis voor onder andere Led Zeppelin en 10CC. Maar heeft hij ook de tekening van de robot gemaakt? Dat blijft een raadsel. En dat is mooi, althans volgens I, Robot. Het boek stelt dat er gelukkig nog onbeantwoorde vragen bestaan. Robots en computers kunnen nu bijna overal antwoord op geven, maar mysterie blijft. Sterker nog; alleen door pure logica slaan de robots af en toe op hol en gaan ze rare dingen doen.
 
Ik zou geen leven als een robot willen hebben, maar een robot zou ook weer geen mens willen zijn, omdat deze niet logisch denkt en zichzelf daardoor regelmatig in gevaar brengt. Dit thema wordt mooi bezongen in het tweede nummer ‘I Wouldn’t Want To Be Like You’. Maar wie zingt deze tekst eigenlijk? De robot of de mens?
Hipgnosis wijdt verder niet veel uit over deze hoes. Voor hen was het gewoon een vluggertje. Een vroege ochtendvlucht naar Parijs. Een paar uur duizelig worden op de roltrappen van ‘De Gaulle’. De beveiligingsbeambten ontwijken, want het was eigenlijk verboden om foto’s op het vliegveld te maken, snel nog even een lunch en daarna weer teruggevlogen naar Londen. Logisch toch?”
 
Door Gerrit-Jan Vrielink