Het verhaal achter de platenhoes: Gentle Giant (1970) – Gentle Giant

“Stel je voor: je ligt in bed en midden in de nacht staat een reus in de straat. Hij is wel vier keer zo groot als de grootste mens. Hij maakt stappen die zo lang zijn als een tennisbaan.
Dan ziet hij jou. Het volgende moment heeft hij je te pakken en holt hij met jou onder de arm en met een geweldige snelheid door de nacht. Het overkomt Sofie in het boek ‘De Grote Vriendelijke Reus’, beter bekend als De GVR. De GVR is een fantastisch verhaal uit 1983 van de meesterverteller Roald Dahl. Als ik dit boek lees, moet ik denken aan de cultgroep ‘Gentle Giant’. Zij maakte in de jaren zeventig progrock muziek die zo complex was dat maar weinigen de moeite namen haar te doorgronden. Maar dat risico nam de groep graag.
De hoes is getekend door illustrator George Underwood die ik in de column over David Bowie’s; ‘Honky Dory’ genoemd heb. Hij was de boezemvriend van David Bowie. In de binnenhoes staat een verhaal over de bandleden en de ontmoeting met een ‘Gentle Giant’ geschreven door Tony Visconti. Hij was ook een goede vriend van David Bowie en producer van veel van zijn LP’s. Het was een kleine wereld destijds in de jaren zeventig in de muziekscene van de wijk ‘Soho’ in Londen.
 
Ik weet niet of Roald Dahl geïnspireerd is door deze hoes en het verhaal van Tony Visconti van de eerste LP van Gentle Giant uit 1970. Het zou zo maar kunnen. Opvallend is dat er veel parallellen zijn tussen de GVR en de muziekgroep Gentle Giant. De Grote Vriendelijk Reus noemt zichzelf een buitenbeentjesreus. Hij is anders dan de andere reuzen. Hij eet bijvoorbeeld geen mensbaksels. Hij spreekt eigenaardig en gebruikt de raarste woorden; allervreselijkste husseltaal noemt hij het zelf. Hij vindt mensbaksels maar niksweters en blufpiepers.
 
Gentle Giant was ook een buitenbeentje in de popmuziek. De bandleden gebruikten de vreemdste instrumenten. Op een gegeven moment wel veertig verschillende, van violen tot blokfluiten. De muziek ging alle kanten uit, van stevige ritmes tot engelachtige zangpartijen. Het nummer ‘Knots’ op de LP ‘Octopus’ is daar een mooi voorbeeld van. Maar daarmee werden zij, net zoals GVR, niet altijd begrepen. En zoals dat vaak met buitenbeentjes gebeurt, werd ook Gentle Giant een beetje de schlemiel, en onderwerp van pesterijen. Zielig, maar het wekte ook een enorme sympathie op.
 
Gentle Giant kampte met een dilemma: gaan we door met de complexe muziek of gaan we mainstream maken, dus de kant op van Genesis en Yes? De band probeerde wel wat toegankelijkere muziek te maken, maar heeft nooit een hit gescoord. En al gauw raakte de band in de vergetelheid. Maar is dat erg? Het gaat in het leven niet louter om rijk te worden, maar ook om gevoelens te ontwikkelen die op anderen zijn gericht en anderen te plezieren. Bijvoorbeeld met unieke muziek. Mooi dat Gentle Giant zich niet al te veel conformeerde aan de commercie van de hitjes. Het leverde Gentle Giant geen geld op, maar wel de sympathie bij een trouwe aanhang. En wordt ze als cultband eens in de zoveel tijd weer terecht in de schijnwerpers gezet.
 
En hoe is het met de Grote Vriendelijke Reus afgelopen? Ik kan je aanraden om dat zelf in het boek te lezen. Houd wel zakdoeken bij de hand, want je lacht tranen met tuiten.
 
Door Gerrit-Jan Vrielink
 
Weet jij leuke details of wil meer weten over de achtergrond van een bepaalde platenhoes? Stuur dan een e-mail naar Gerrit-Jan via gerritjan.vrielink@gmail.com