Het verhaal achter de platenhoes: A Night At The Opera (1975) – Queen

“Waar haal je een goed idee voor een platenhoes vandaan? Dat kan overal zijn. Bijvoorbeeld het schap met sauzen in de supermarkt. Laat dat maar over aan Freddy Mercury, afgestudeerd ontwerper en zanger van de Britse popgroep Queen. Hij liet zich uitgebreid inspireren door een fles HP-sauce – een bruine saus op basis van azijn – voor de doorbraak-lp van de groep uit 1975.
Om te beginnen leende hij het lettertype van het woordje ‘The’ op de fles voor de titel van de lp: ‘Queen, A night at the opera’. En de Q in het midden van de tekening komt overeen met het lettertype van HP. De grote tekening op de hoes is een variant op het ‘Queen Elisabeth’-keurmerk op de hals van de fles met ‘brown sauce’.

Mercury paste de tekening als volgt aan, met voor elk bandlid een teken: In het midden staat een krab; deze staat symbool voor de vlijmscherpe gitaarriffs van Brian May. De twee kaartspelende feeën staan voor de zang van Freddy Mercury. En de twee leeuwen staan voor het strakke rockritme van drummer Roger Taylor en bassist John Deacon. De feniks op de achtergrond staat symbool voor het herrijzen uit de as van de band van de eerdere pogingen om door te breken in de muziekwereld.

Illustrator David Coster, die de ideeën van Freddy Mercury moest uitwerken, vond de hoes maar niks. ‘Te simpel en kitscherig’, zei hij er ooit over. Maar dat was nu juist de bedoeling van Mercury. Hij wilde dat de hoezen van Queen zich onderscheidden van de platenhoezen van Led Zeppelin, de grote concurrent. Mercury wilde dat Queen beter en grootser werd dan Led Zeppelin. De band moest zich dus gaan onderscheiden van Led Zeppelin, zowel in de muziek als met de platenhoezen. De platenhoezen van Led Zeppelin werden steeds kunstzinniger, Queen hield het simpel.”

Door Gerrit-Jan Vrielink